Uitzicht op een andere baan; ontslagvergoeding terugbetalen?

Uitzicht op een andere baan; ontslagvergoeding terugbetalen?

Verreweg het grootste aantal beëindigingen van de arbeidsovereenkomst vindt niet plaats via een procedure bij de kantonrechter of het UWV, maar in onderling overleg. Werkgever en werknemer sluiten in zo’n geval een beëindigingsovereenkomst, waarin de afspraken en de voorwaarden waaronder het dienstverband wordt beëindigd zijn neergelegd. Vaak is ook een ontslagvergoeding onderdeel van een dergelijke regeling. Maar wat nu als de werknemer ten tijde van het sluiten van de regeling al concreet uitzicht had op ander werk?

Uitzicht andere baan; vergoeding moet worden terugbetaald

Indien de werknemer op het moment van het sluiten van de beëindigingsregeling al concreet uitzicht had op een andere baan kan dat onder omstandigheden reden zijn om de beëindigingsovereenkomst te vernietigen, als gevolg waarvan de aan werknemer betaalde ontslagvergoeding door werkgever kan worden teruggevorderd. De vraag rijst dan ook wanneer er sprake is van een concreet vooruitzicht op een andere baan.

Het gerechtshof Arnhem/Leeuwarden had op 3 december 2013 (ECLI:NL:GHARL:2013:9240) over een dergelijke kwestie te oordelen. Werkgever en werknemer hadden in die zaak onderhandeld over een beëindigingsregeling en op 22 maart 2011 is aan werknemer gevraagd of hij concreet vooruitzicht had op een nieuwe baan. Werknemer gaf aan dat hij sollicitaties had lopen maar nog geen concreet vooruitzicht had. Twee dagen later, op 24 maart 2011, is de beëindigingsovereenkomst door partijen getekend. Per brief van 31 maart 2011 is werkgever bericht dat werknemer per 1 mei 2011 bij een andere werkgever in dienst zou treden.

Werkgever heeft vervolgens geweigerd de overeengekomen vergoeding te betalen. Werkgever stelt zich op het standpunt dat werknemer meer had moeten melden over de status van de sollicitaties per 22 maart 2011 en beroept zich op dwaling. Werkgever verwijst daarbij naar een mail die de werknemer van zijn aspirant-werkgever zou hebben ontvangen op 21 maart 2011.

Het hof oordeelt dat uit de mail van 21 maart niet blijkt dat werknemer zo goed als zeker was van een nieuwe baan. Uit die mail blijkt volgens het hof niet meer dan dat werknemer op 24 maart 2011 bericht zou kunnen verwachten of hij de eerste keus was. Het hof wijst er op dat uit de e-mail blijkt dat er meer dan twee kandidaten waren. Het hof vervolgt met de opmerking dat het antwoord van werknemer dat hij nog geen concreet vooruitzicht had op een nieuwe baan derhalve niet onjuist was.

Wees voorzichtig

Alhoewel het in de hier besproken zaak goed afliep voor de werknemer geldt wel dat de werknemer voorzichtig moet zijn met de zoektocht naar een nieuwe baan als er nog geen afspraken zijn gemaakt over het ontslag. Een sollicitatiebrief schrijven is geen probleem maar zodra concreet over arbeidsvoorwaarden wordt onderhandeld loopt de werknemer een groot risico dat de oude werkgever bij ontdekking daarvan niet meer bereid zal zijn de ontslagvergoeding uit te keren, dan wel deze terug zal vorderen. Laat je daarom dus goed inlichten en roep de hulp in van een vaststellingsovereenkomst advocaat. Deze advocaat kan ook helpen met het beoordelen van de vaststellingsovereenkomst.