Ontslag op staande voet wegens belangenverstrengeling; kosten onderzoek (60K) voor rekening werknemer

Dreigend ontslag

Het vermengen van persoonlijke belangen met die van werkgever kan reden zijn voor een ontslag op staande voet, zo leert ons de uitspraak van de Rechtbank Rotterdam van 29 januari 2016. De kantonrechter oordeelt niet alleen dat het ontslag op staande voet rechtsgeldig is, maar veroordeelt de werknemer bovendien in de onderzoekskosten van bijna zestigduizend Euro. Wat is hier gebeurd?

Ontslag op staande voet wegens belangenverstrengeling

De werknemer in kwestie was in dienst bij GS-Hydro als Financial Controller. In die functie was hij onderdeel van het managementteam. Daarnaast – bleek later – was hij sinds 2004 betrokken bij de onderneming HPM. HPM is een klant en leverancier van zijn werkgever GS-Hydro. Sinds 30 augustus 2014 was werknemer niet alleen als aandeelhouder, maar ook als bestuurder verbonden aan HPM.

Van zijn aandeelhouder- en bestuurderschap bij HPM heeft werknemer nooit melding gemaakt bij GS-Hydro. Na een op non-actiefstelling zijn er eind oktober 2012 mails aangetroffen, waardoor verdenkingen zijn ontstaan bij GS-Hydro. GS Hydro heeft daarop PWC opdracht gegeven een onderzoek in te stellen. Zo’n vier maanden later, op 26 februari 2013, is werknemer in de gelegenheid gesteld te reageren op de bevindingen van de onderzoeker. Op 5 maart 2013 is hij op staande voet ontslagen. Reden voor dat ontslag was onder meer dat werknemer als bestuurder en aandeelhouder betrokken is bij HPM en daarmee GS-Hydro heeft beconcurreerd. Daarnaast heeft werknemer conflicterende belangen gecreëerd.

Vernietiging ontslag op staande voet

Werknemer maakt in de procedure aanspraak op vernietiging van het ontslag. Hij vindt dat het ontslag niet onverwijld is gegeven en een dringende reden bovendien ontbreekt.

Ontslag op staande voet onverwijld gegeven

De kantonrechter dat aan het onverwijldheidsvereiste is voldaan. GS-Hydro mocht de resultaten van het onderzoek afwachten, alvorens over te gaan tot ontslag op staande voet. Eerst op 28 februari 2013 werd er door PWC volledige duidelijkheid verschaft. Niet eerder dan op die datum kon dan ook een beslissing genomen worden over het ontslag. Dat het onderzoek lang heeft geduurd wordt niet aan GS-Hydro toegerekend, nu GS-Hydro afhankelijk is van de onderzoeker. Volgens de kantonrechter kan de lange duur van het onderzoek kan niet leiden tot het oordeel dat er geen sprake is van een onverwijld genomen beslissing.

Belangenverstrengeling reden voor ontslag op staande voet

De kantonrechter oordeelt verder dat er sprake is van een dringende reden voor ontslag. Het onderzoek van PWC heeft uitgewezen dat er gedurende meerdere jaren dat werknemer financial controler bij GS-Hydro en bestuurder van HPM was, bedragen over en weer zijn gefactureerd door deze ondernemingen en werknemer bovendien actief betrokken was bij die transacties. Dat leidt tot een ontoelaatbare belangenverstrengeling. De kantonrechter overweegt voorts dat niet van belang is of er daadwerkelijk financieel nadeel is ontstaan. Ook wordt werknemer tegengeworpen dat hij zijn belangen in HPM geheim heeft proberen te houden voor GS-Hydro.

Veroordeling in onderzoekkosten

Niet alleen houdt het ontslag stand, werknemer wordt ook veroordeeld in de kosten van het onderzoek van PWC. Deze bedragen € 59.570.

Advocaat ontslag op staande voet?

Voor al uw vragen over ontslag op staande voet kunt u terecht bij onze arbeidsrecht advocaten. Neemt u gerust vrijblijvend telefonisch contact op.

Sec Arbeidsrecht Advocaten

Onze specialisten

Charlotte Buijsman

Michiel Dekker

Maak nu een afspraak


023 531 76 96


of

mail ons